Voorlezen is leuk!
Leren praten dankzij voorlezen
Voorlezen, ook aan oudere kinderen
Geschikte voorleesboeken
Voorleestips!
Leren praten dankzij voorlezen
Voorlezen is ontzettend gezellig en leuk, zowel voor het kind als voor de ouders. En dat niet alleen, voorlezen kan ook een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van een kind. Jonge kinderen leren enorm veel van voorlezen. In de eerste plaats is het goed voor de taalontwikkeling van een kind. Kinderen leren nieuwe woorden tijdens het voorlezen en ze leren hoe een zin opgebouwd is. Daarnaast leren ze goed luisteren en zich concentreren. En voorlezen stimuleert de fantasie van het kind. Maar het voorlezen moet vooral plezierig zijn en iets waar zowel het kind als de ouder van kunnen genieten. Door het verhaal dat voorgelezen wordt, maar vooral ook om het gezellig samen zijn en de aandacht voor elkaar. Thuis óf in de bibliotheek.
Voorlezen, ook aan oudere kinderen
Voorlezen is gezellig en leuk, zowel voor het kind als voor degene die voorleest. En dat niet alleen, voorlezen is belangrijk voor de ontwikkeling van een kind. De bibliotheek adviseert om te blijven voorlezen aan oudere kinderen, ook als ze zelf al kunnen lezen.
- Omdat dat knusse en gezellige momenten oplevert
- Omdat het gevoel voor taal daardoor spelenderwijs ontwikkeld wordt
- Omdat de wereld van jonge kinderen daardoor uitgebreid wordt
- Omdat het kinderen helpt om alle nieuwe indrukken en gevoelens te verwerken
- Omdat het de nieuwsgierigheid prikkelt en de fantasie stimuleert
- Omdat het de luistervaardigheid en het concentratievermogen helpt ontwikkelen
- Omdat het stimuleert mee te denken over hoe je problemen aan kunt pakken
- Omdat het een gunstig effect heeft op het zelf leren lezen
- Omdat het kinderen vertrouwd maakt met allerlei soorten verhalen en verhaalpatronen
Vanaf welke leeftijd?
Voor een baby kunt u zingen of hardop vertellen waar u mee bezig bent. Al vlug volgt het bekijken van eenvoudige platen in stoffen of kartonnen babyboekjes, waarbij u van alles kunt vertellen. Weer later kunt u een kort verhaaltje voorlezen, dat in de loop van de tijd steeds wat ingewikkelder kan worden.
Blijf voorlezen als de kinderen ouder worden, ook als ze zelf leren lezen. Het kan de afstand overbruggen tussen wat een kind (technisch) aankan en wat het graag zou willen lezen. Blijf ook juist voorlezen aan kinderen die nog moeite hebben met de techniek van het lezen. Het is belangrijk dat zij lezen blijven associëren met iets wat leuk is.
Geschikte voorleesboeken
Op de jeugdafdeling van de bibliotheek vindt u leuke voorleesboeken voor kinderen die zelf nog niet kunnen lezen én voor kinderen vanaf groep 3 t/m groep 8. U kunt in de webcatalogus kijken voor meer informatie hierover, maar uiteraard ook onze kundige medewerkers in de bibliotheek aanspreken. Er zijn verder ook veel tips te vinden op het web op voorleesgebied. we attenderen u bijvoorbeeld graag op de website leesplein.nl . Hier vindt u o.a. een overzicht van geschikte voorleesboeken, ingedeeld naar leeftijd. Ook vindt u verwijzingen naar tv-programma's en andere websites met aandacht voor en voorbeelden van voorlezen.
Voorleestips
Wanneer kunt u het beste voorlezen en op welke manier? Hieronder vindt u 10 voorleestips:
1. Weet wat je leest!
Lees het boek eerst zelf. Waar gaat het boek precies over?
Wat gebeurt er en hoe loopt het af? Als u weet waar het verhaal over gaat, kunt u van tevoren bedenken wat u kunt uitleggen en vragen tijdens het voorlezen.
2. Maak een eigen voorleesritueel
Lees het boek voor op een rustige plek en op een gezellig moment van de dag. Zorg ervoor dat uw kind niet wordt afgeleid. Misschien heeft u in huis een knuffeldier of een ander voorwerp dat in het boek voorkomt. Pak het erbij!
3. Bekijk samen de kaft
Lees de titel van het boek voor en praat met uw kind over de voorkant. Maak het nieuwsgierig naar het verhaal. Bijvoorbeeld: Wat staat er op het plaatje? Waar denk je dat het boek over gaat?
4. Laat uw kind vertellen
Geef uw kind gelegenheid om te reageren tijdens het verhaal. Het gaat erom dat uw kind praat, dus alle antwoorden zijn goed. Probeer open vragen te stellen.
Bijvoorbeeld: Wat zou jij doen als...?
5. Speel in op reacties
Neem opmerkingen van uw kind serieus. Vraag bijvoorbeeld door als uw kind een opmerking tussendoor maakt. Bijvoorbeeld: Waarom denk je dat?
6. Voorspel samen het verhaal
Vraag op spannende momenten aan uw kind hoe het verhaal verder zou kunnen gaan.
Bijvoorbeeld: Wat denk jij dat er gaat gebeuren met...?
7. Besteed aandacht aan moeilijke woorden
Bedenk welke woorden moeilijk voor uw kind zouden kunnen zijn. Als uw kind het woord niet kent, kunt u helpen. Probeer een zin met een moeilijk woord ook eens op een andere manier te vertellen.
8. Maak het levendig
U kunt bij het voorlezen ondersteunende geluiden of bewegingen maken of uw kind vragen om iets (voor) te doen.
Bijvoorbeeld: Maak een dierengeluid op het moment dat een dier in het boek iets zegt.
9. Praat na over het boek
Ook als het boek uit is, kunt u er nog een keer op terugkomen. U kunt na afloop een vraag stellen om erachter te komen of uw kind het verhaal echt goed begrepen heeft.
10. Lees het boek meerdere keren voor
Waarschijnlijk zal uw kind vragen om het boek nog een keer voor te lezen. Dat is ook goed. Uw kind leert er iedere keer weer iets nieuws van Aan de hand van de tekeningen kan uw kind het boek ook zelf ‘voorlezen' aan iemand anders.
Bron: pakket Z@ppelin logeerboek
De bibliotheek biedt verschillende workshops ‘interactief voorlezen' aan voor ouders, leidsters van peuterspeelzalen en kinderdagverblijven en leerkrachten in de basisonderwijs. Voor meer informatie kunt u terecht bij Gertruud Kemna, tel. 079 - 343 81 94 of kemna@bibliotheek-zoetermeer.nl










